Aanvoerder Philippe Clement heeft lak aan de kritiek op Club Brugge
Het gaat goed met Club Brugge. Het team staat helemaal alleen bovenaan het klassement en speelt als enige ploeg nog mee in zowel de bekercompetitie als in de UEFA Cup. Toch krijgt de ploeg weinig complimenten toegezwaaid.
Het lijkt wel alsof er na iedere gespeelde wedstrijd meer over de arbitrage wordt gepraat dan over het spel van Club.
'Dat wij door scheidsrechters bevoordeeld zouden worden, vind ik dikke zever', steekt Philippe Clement van wal. 'Bekijk de bekerwedstrijd tegen Beveren maar eens. Er is daar een overduidelijke handsbal in de zestien meter, maar er wordt geen penalty gefloten. Dan verwacht je toch dat er achteraf over die fase wordt gepraat. Maar neen, dan wordt er op televisie gesproken over alle andere strafschoppen die we wél al hebben gekregen. Over de voor ons nadelige fases wordt met geen woord gerept. Al die kritiek, het lijkt me niet meer dan goedkope reacties van teleurgestelde mensen.'
'We hebben inderdaad al wat strafschoppen gekregen, maar er worden nu eenmaal veel fouten tegen ons gemaakt. Dan moet de tegenstander maar iets voorzichtiger spelen. Wij houden ons niet bezig met de hele polemiek die er rond de arbitrage is ontstaan. Ik ga ervan uit dat iedere scheidsrechter op een objectieve manier aan een wedstrijd begint. En dat er al eens fouten gemaakt worden, is niet meer dan normaal. Dat overkomt iedereen.'
Onevenwicht op het middenveld
Een ander stokpaardje van de critici van Club Brugge is het nog steeds manklopende middenveldspel. Trainer Mathijssen startte het seizoen met Clement en Geraerts als centrale tandem. Twaalf speeldagen en enkele combinaties verder blijft het centrum de zwakke schakel in het spel.
'Als er gekozen wordt voor aanvallende flanken, dan moeten de twee centrale pionnen het in de meeste wedstrijden opnemen tegen drie tegenstanders', legt Clement uit. 'Zolang de flankspelers niet meeverdedigen, zal dit numerieke onevenwicht zijn tol eisen. En al is het centraal niet altijd even makkelijk, verdedigend slagen we er wel in de boel goed gesloten te houden. Het is altijd zoeken naar wat het meeste rendement oplevert, en dat rendement is er volgens mij nu al. Anders zouden we nooit op de eerste plaats staan.'
De wissels op het middenveld staan volgens Clement dan ook los van de kritiek. 'Doordat die positie fysiek zo belastend is, is het normaal dat er geregeld gewisseld wordt. Daarenboven is het belangrijk bij een grote groep, die op drie fronten strijdt, dat iedereen een kans krijgt. Als je steeds dezelfde jongens laat spelen, dan missen de bankzitters matchritme en raken ze mentaal ontmoedigd.'