“Een leven in blauw en zwart”

Dirk Ryelandt is Clubsupporter sinds de jaren ’60. In die halve eeuw zag hij ontelbare wedstrijden van Blauw-Zwart.  Zijn supportersleven valt eigenlijk samen met het bekende Engelse supporterslied: ‘We’ll follow the (in dit geval) Bruges over land and sea’ 

“Ik heb vroeger Europa rondgereisd met Club en gedurende de magische jaren 70 geen enkele topmatch gemist”

Momenteel woont Dirk in Kusadasi (Turkije) om te genieten van de zon en de rust. Uiteraard volgt hij Club nog, is het niet via satelliet tv (meestal live op de Poolse sportzender Sportclub) dan wel via stream op het internet.

Hier volgt zijn fantastische supporterrelaas…

Vroeger was de Brugse voetbalbeleving ronduit schitterend. Veel matchen
speelden we voor een vol Olympia (toen nog 32.000 toeschouwers). Een
topmatch bekijken betekende toen dat je best al om 18u in de Noord je staanplaats innam als de match om 20u begon.
De allereerste competitiematch die op Olympia werd gespeeld, tegen RWDM, hing ik anderhalf uur in de lichtmast.

De Europese verplaatsingen waren het neusje van de zalm ! Op één dag tijd 23.000 mensen over het kanaal krijgen naar Wembley in 1978, dat had je moeten zien. Zelfs de Zeebrugse en Oostendse vissers die we halfweg de oversteek zagen werken, hadden blauwzwarte vlaggen en spandoeken op hun schepen bevestigd. Ik kan je verzekeren dat dit even slikken was van ontroering! Ik herinner me zelfs een bus uit Straatsburg met Clubfans en twee Mercedessen vol met blauwzwarten helemaal uit de Oostenrijkse hoofdstad Wenen die op onze boot zaten! Mijn maatje en ik waren verplicht om uit Boulogne te vertrekken. Het weekend waarin  de inschrijvingen begonnen, waren we in Brighton voor de halve finale in de FA Cup tussen Brighton en Tottenham en bij thuiskomst de maandag bleek alles al uitverkocht voor de afreizen uit Zeebrugge, Oostende, Vlissingen en zelfs Calais...

Over elke Europese verplaatsing zou Dirk uren kunnen vertellen, maar dan zou dit interview veel te lang uitvallen. Hier volgen enkele van zijn mooiste verhalen.

De grappigste verplaatsing?
Samen met Club naar Katowice in Polen (1991) met een bus. Allemaal brave huisvaders en een paar twintigers die blijkbaar happy waren om eens weg te zijn van hun lief.  De dag van de wedstrijd waren twee vrienden en mezelf in een heel bedenkelijke staat. We hadden daarom aan de chauffeur gezegd dat hij niet moest wachten op ons na de wedstrijd. We gingen nog een pintje pakken en op eigen kracht in België geraken.
Die gast geloofde ons natuurlijk niet want Katowice was een serieus dood plekje Oost Europa. Zo gezegd, zo gedaan. Na de match is de bus zonder ons vertrokken. We zijn in een of andere domme kroeg geraakt en ik was 7 dagen later thuis met een trein via Berlijn. Toen ik thuis kwam was ik geseind als vermist....

Mijn meest frustrerende?
Tja, één uur voor de match aan een stadion staan koekeloeren terwijl de poorten nog gesloten waren. De verantwoordelijken wisten niet eens dat er een match was om 15.00u... Echt gebeurd in Valetta (Malta) in 1973.

De meest onverwachte?
Na Steaua Boekarest-FCB liep ik scheel van de dorst een café met terras binnen. Ik kwam in een trouwfeest terecht. Ik ben er twee dagen blijven plakken...

De zwaarste?
Wisla Krakau. Ondanks beloften van enkele East-Siders wou  niemand mee naar Polen. Ik heb toen toch mijn keikop uitgewerkt en ben gans alleen met mijn auto naar daar gereden, match bekeken en weer terug.

De voor de grootste ruzie in het gezin zorgende?
De eerste Europese match van FCB eind 60er jaren... Op zondag, na de competitiematch vertrokken naar Lissabon (en er waren véél minder autosnelwegen die tijd). Net op tijd aankomen om de Club te zien spelen, stukje eten en weer terug naar Brugge om er net op tijd de volgende zondag aan te komen om naar de competitiematch te gaan. Zelden mijn moeder zo kwaad gezien, zelden mijn vader zo muisstil gezien.

De voor de roodste rode kaken zorgende?
In een bar  in Moskou (Spartak-FCB): ik kom er binnen, kleef direct een reuzesticker van FCB aan de muur en zet me aan de bar. Na een sloot wodka's achterover te hebben gekieperd, komt er een vrouw naast me zitten. Ik schat haar 150kg droog aan de haak, 1,98m of daaromtrent. Ik draai me om naar mijn maat, eveneens Clubfreak van bij de geboorte, en zeg zo luid als ik kan: "Daar droom ik nu al gans mijn leven van: dat er zo'n dikke, lompe, vette, lelijke Sovjet-kogelstootster naast me komt zitten aan een bar in Rusland". Legt die koe haar hand, die meer weg had van een kruiwagen, op mijn schouder en zegt ze doodleuk: "Een beetje op je woorden letten hé, pipo, ik ben wel degelijk van Sint-Andries hé"... dat moet zowat de laatste keer geweest zijn dat ik zo rood ben geworden als de toenmalige vlag van de USSR.

In de gloriejaren van Club reisde Dirk ook mee naar AS Roma
‘Wij zitten met zo’n 200 man in de benedenring van het Olympisch Stadion, boven ons zit de harde kern van de Italianen. Club komt 0-1 voor, gejuich en gejubel alom. Plots komt er van boven een vloersteen gezoefd van 30 x 30 cm die op zowat 10 centimeter van mijn kop voorbijraast en mijn buurman op zijn tenen treft. De reactie laat niet op zich wachten. Ik heb nog nooit boekhouders, dokters in spe, elektriciens, garçons en al wat blauw-zwart was, zo naarstig en vakbekwaam  een vloer zien uitbreken met de blote hand. De enkele Romeinen die het lef hadden te blijven zitten hebben het zich tot in de lengte van hun dagen beklaagd. Ik denk dat er nu nog steeds, meer dan  25 jaar na datum, er nog veel zijn die moeite hebben om vloeibaar voedsel te kunnen eten met een rietje!
De reactie van de carabinieri was er eigenlijk niet. Die vonden het goed dat die Romeinen eens goed op het gezicht kregen. Dat bespaarde hen namelijk werk de volgende matchen.

Wat er zich enkele jaren later afspeelde in Dortmund moet vast en zeker één van Dirks grappigste verhalen zijn:

“In een plaatselijke winkelstraat was een winkelgalerij volledig van alles graffiti ontdaan en herschilderd. De kosten bedroegen 4.000.000 oude Belgische franken. Burgemeester en schepenen waren uiteraard erg trots om het lint door te knippen. Foto’s, filmpje, allemaal heel plechtig. Tien minuten later als iedereen ergens binnen een glas aan het drinken is, komt er doodleuk een Bruggeling af (één van de stichters van de toenmalige East-Side) met een spuitbus verf (met de geschatte inhoud van 20 liter). Hij gaat recht naar die galerij en spuit, zonder een spier te bewegen en zonder de Duitsers een blik te gunnen, ‘Die Wand ist eröffent’ op die muur. Hoogte van de letters was zeker +-1,5 meter en de totale lengte bedroeg wel 20 meter. Dat was de eerste en tevens de laatste keer dat ik stadsarbeiders heb zien wenen van ellende. Ik deed zowat in mijn broek van het lachen. Ik heb diplomatisch mijn sjaal weggestoken en ben hoofdschuddend weggewandeld.”

Dirk was ook nauw betrokken bij de geboorte van de East-Side, die evolueerde van een sfeergroepering tot één van de beruchtste en meest gevreesde sides van België en omstreken:
“De East-Side is er vooral gekomen omdat we het beu waren dat er, toen we één of ander lied begonnen aan te heffen, steevast een hoempapa-nummer kwam van het orkestje bovenaan de spionkop. Die mannen waren middeleeuws van gedachten en qua muziekkeuze. In Brugge deelden ze de lakens uit, maar op verplaatsing zag je ze nooit, of toch nooit allemaal, en dan nog zonder hun instrumenten. Op een dag hebben we ze van het platformpje gegooid en hebben we de toenmalige Noord ingenomen. Kort nadien is één en ander ontaard. Enkelen grepen de East-Side aan om overal keet te schoppen en de leute was er op die manier vlug af voor mij. Ik was in eerste instantie Clubfan en geen kickbokser en al dat rechts-links gedoe werd me ook gauw teveel.”

“Ik ben Bruggefan geworden door mijn vader zaliger, die op zijn beurt Clubfan was geworden door zijn vader. Mijn grootvader ging naar Club kijken vanaf 1910 (hij was geboren in 1900) en heeft dat volgehouden tot in 1975. Toen werd z'n gezondheid minder en moest hij zich beperken tot radio en TV, maar tot zijn laatste snik heeft hij FCB gevolgd.
Pa ging naar de Club vanaf 1935 (geboren in 1929) en ik denk niet dat er een “hardere" bestaan heeft dan hij. De Europese rondritten met de wagen die we samen deden, de beleving... hij is veel té vroeg gestorven (amper 67) en ik mis hem nog steeds.

Ikzelf ga dus van 1960 naar de Club. Ik herinner me de eerste match nog als was het gisteren: een week lang had pa mij beloofd dat ik mee mocht. Het was tegen de nekken. Op zondag ging ik de tuin in om iets te halen op zijn vraag. Hij sloot de achterdeur echter achter mijn rug omdat hij, zoals hij later verklaarde, mij niet wou meenemen wegens teveel volk en het feit dat ik niet op het plein zou mogen zitten vóór de reclamepanelen (zoals kinderen dat wel deden die tijd). Ik ging terug naar de deur, sloeg de ruit in (zo'n wafeltjesruit in dubbel glas). Resultaat: wij vierklauwens naar de kliniek om mijn hand te laten hechten en geen voetbal, niet voor mijn pa, noch voor mijn opa (die zijn 31-jarige zoon op dat moment een oplawaai verkocht die ik met wat inspanning nog hoor kletsen op z'n kaak), noch voor mij. Twee weken nadien mocht ik wel mee, tegen STVV. We wonnen en deze jongen was verkocht voor het leven.”

“Wat Club Brugge voor mij betekent, is eigenlijk een moeilijke vraag. Dankzij FCB heb ik landen en streken gezien die ik waarschijnlijk nooit had kunnen bezoeken. Ik hou van de sfeer, het zingen, het samengaan van rechts/links, oud/jong, man/vrouw, universitair/werkman, alles met één doel: het zien winnen van "onze" Club. Ik kan het eigenlijk moeilijk verwoorden, het is soms meer een "way of life" dan een voetbalploeg voor mij.  Maar met ouder te worden leer je ook relativeren. Een nederlaag doet nog altijd pijn, maar ik lig er niet meer wakker van. Clubfan blijf ik tot mijn dood of tot mijn geestesvermogen het toelaat en ik mag hopen dat dit nog heeeeeeel lang is!
De nieuwe generatie is ondertussen al op weg. Mijn dochter Kayleigh heeft al een abo van
toen ze vier was. Ze is evenzeer verslingerd aan FCB. Mijn jongste dochter Ashley, die ondertussen tien is, slaapt vanaf  haar geboorte met een FCB-beertje en werd, na het dagelijkse badje, steeds gewikkeld in een Clubbadjas... erg hé?”

Reacties

Bedankt Dirk om je ervaringen te delen. Leuk om te lezen!

Schitterend!!!

Blue Army, zorg maar regelmatig voor zo'n 'levensverhaal'. Zalig!!!
Het is heel herkenbaar. Ik voed mijn dochter en zoon ook op met blauw-zwart in gedachten en in doen en laten! Alleen... dat relativeren lukt me echt (nog) niet. Na elke verloren match ben ik doodongelukkig: ik luister niet naar het nieuws of kijk niet naar extra time en dat duurt toch wel enkele dagen... Is dat eigenlijk nog gezond ;o)